Naar de inhoud
Duitsland

Met de auto naar Duitsland: milieusticker, boetes en de regels onderweg

Duitsland voelt voor Nederlanders als bekend terrein, en dat is precies waarom het misgaat. De borden lijken op de onze, de taal is te volgen, en dus rijden we door alsof de regels dezelfde zijn. Op een paar punten zijn ze dat niet, en op een paar van die punten wordt het ook nog eens actief gehandhaafd, met boetes die maanden later gewoon in je Nederlandse brievenbus liggen.

Hieronder de regels die er voor een gemiddelde vakantierit toe doen, en daaronder de vier onderwerpen die meer uitleg nodig hebben dan een regel in een tabel.

De regels op een rij

Onderwerp In Duitsland Let op
Maximumsnelheid bebouwde kom 50 km/u Vaak lager aangegeven in woonwijken en bij scholen
Buiten de bebouwde kom 100 km/u op gewone wegen Geldt ook op brede tweebaanswegen die als snelweg aanvoelen
Autobahn Adviessnelheid 130 km/u waar geen limiet staat Op grote delen staat wel degelijk een limiet, en die wisselt per traject
Alcohol 0,5 promille 0,0 voor bestuurders onder de 21 en in de eerste twee jaar na het rijbewijs
Telefoon Vasthouden verboden, ook stilstaand met draaiende motor Geldt ook voor fietsers, met een lagere boete
Flitsapps Gebruik tijdens het rijden verboden De functie moet uitstaan, ook als een passagier hem bedient
Milieuzones Groene sticker vereist in de meeste zones Geen sticker betekent boete, ook bij een schone auto
Winterbanden Verplicht bij winterse omstandigheden Geen datumregel maar een weerregel, alpinesymbool vereist
Reddingsstrook Verplicht zodra het verkeer stilvalt Direct bij vertraging, niet pas als je stilstaat
Kinderen in de auto Kinderzitje tot 12 jaar of 150 cm Vergelijkbaar met Nederland, controle is strenger
Tol voor personenauto’s Niet van toepassing Wel tol in Oostenrijk en Zwitserland, direct achter de grens
Verplichte uitrusting Gevarendriehoek, verbanddoos en veiligheidshesje Voor Duitse auto’s verplicht, voor buitenlandse sterk aan te raden

De milieusticker: het meest voorkomende misverstand

Tientallen Duitse steden hebben een Umweltzone, waaronder Berlijn, München, Keulen, Stuttgart, Düsseldorf en Frankfurt. Om zo’n zone in te rijden heb je een Umweltplakette op je voorruit nodig, en in vrijwel alle zones is dat de groene variant. Dat is geen milieubelasting maar een toelatingsbewijs, en het punt waarop mensen struikelen is dit: het gaat om de sticker, niet om de auto. Een moderne, schone auto zonder sticker krijgt een boete, terwijl dezelfde auto met sticker gewoon doorrijdt.

Je vraagt de sticker aan op basis van de emissieklasse die op je kentekenbewijs staat. Ze zijn verkrijgbaar bij keuringsinstanties als TÜV en DEKRA, bij veel Duitse garages en online bij aanbieders die hem opsturen. Vraag hem ruim voor vertrek aan als je hem laat opsturen, want een sticker die na je vertrek op de mat valt helpt niet. De sticker blijft geldig zolang de auto op hetzelfde kenteken staat, dus het is eenmalig geregeld.

De zones zijn met borden aangegeven, maar in de praktijk merk je ze pas als je er al in zit, zeker met een navigatie die je door het centrum stuurt. Ga je naar een grote stad, ook al is het alleen om ergens te overnachten, dan zou ik de sticker gewoon regelen.

De reddingsstrook: hier gaat het in de zomer mis

Zodra het verkeer op een weg met meerdere rijstroken stil komt te staan of stapvoets gaat rijden, moeten alle bestuurders ruimte maken voor hulpdiensten. Die ruimte komt op een vaste plek: tussen de linkerrijstrook en de strook daarnaast. Op een tweebaansweg is dat dus in het midden, op een driebaansweg tussen de linker en de middelste. Auto’s op de linkerbaan gaan zo ver mogelijk naar links, de rest zo ver mogelijk naar rechts.

Belangrijk is dat dit moet gebeuren zodra het verkeer vertraagt, en niet pas als je een sirene hoort. Duitse weggebruikers doen dit vrijwel automatisch, en een auto met buitenlands kenteken die halverwege blijft hangen valt op. De boetes hiervoor zijn stevig, en bij het hinderen van een hulpdienst kan er meer volgen dan een boete. Wat ook helpt: laat na het vormen van de strook je auto staan waar hij staat, ook als het verkeer weer een stukje opschuift.

Snelheid en de vraag of je nu wel of niet vrij bent

Het beeld dat je op de Duitse snelweg zo hard mag als je wilt klopt maar gedeeltelijk. Op een aanzienlijk deel van het net geldt wel degelijk een limiet, soms permanent en soms via matrixborden die per traject wisselen. Waar geen limiet staat geldt een adviessnelheid van 130. Dat advies is geen vrijbrief: rijd je harder en ben je betrokken bij een ongeval, dan kan dat gevolgen hebben voor de aansprakelijkheid, ook als je de regels verder niet overtrad. Waar en waarom die vrije stukken bestaan is een verhaal op zich, en dat staat verder uitgewerkt in dit stuk over de Autobahn zonder snelheidslimiet.

Onderschat verder de gewone weg buiten de bebouwde kom niet. Honderd kilometer per uur op een tweebaansweg met bomen langs de kant voelt hard aan, en het is precies daar waar mobiele controles staan.

De boete komt gewoon thuis

Het idee dat een buitenlandse boete vanzelf verdwijnt is verouderd. Binnen de Europese Unie worden kentekengegevens uitgewisseld voor een reeks verkeersovertredingen, waaronder te hard rijden, door rood rijden, geen gordel en telefoongebruik. Een Duitse boete komt daardoor gewoon in Nederland aan, vaak met een paar weken tot maanden vertraging en met administratiekosten erbovenop.

Krijg je zo’n brief, lees hem dan goed voordat je betaalt: er staat altijd een termijn in en vaak een mogelijkheid om bezwaar te maken. En bewaar je eigen bewijs als je vermoedt dat er iets niet klopt, bijvoorbeeld een tankbon met tijdstip. Achteraf reconstrueren waar je op een dinsdagmiddag in augustus was, lukt zelden.

Wat je in de auto legt

Een gevarendriehoek, een verbanddoos en een veiligheidshesje zijn in Duitse auto’s verplicht. Voor buitenlandse voertuigen gelden formeel de eisen van het land van registratie, maar bij een controle of een ongeval wil je die discussie niet voeren. Ze kosten samen weinig en ze liggen in elke bouwmarkt en bij elke autozaak. Controleer wel de houdbaarheidsdatum van je verbanddoos, want die hebben er een.

Verder: je rijbewijs, kentekenbewijs en een verzekeringsbewijs. Binnen de Europese Unie is een groene kaart niet verplicht, maar een verzekeringsbewijs in het handschoenenvak scheelt gedoe bij een aanrijding. Reis je door naar Oostenrijk of Zwitserland, dan heb je daar wel een vignet nodig, en dat koop je voor de grens.

Voor je vertrekt

Ga je in de winter, dan is de bandenvraag geen formaliteit. De Duitse regel hangt aan het weer en niet aan de kalender: is het glad door sneeuw, ijzel of aangevroren nattigheid, dan moet je op banden met het alpinesymbool rijden. Rijd je er zonder en gebeurt er iets, dan is dat een probleem met je verzekering en niet alleen met de politie.

Rijd je verder door naar het zuiden of het oosten van Europa, houd er dan rekening mee dat elk land zijn eigen set regels heeft en dat de grenzen zelf ook aan het veranderen zijn; wat daar dit jaar speelt staat in dit overzicht van de Europese grenscontroles met ETIAS en EES. En wie de rijtijden realistisch wil inschatten voor een lange route: in dit stuk over de rijtijd van Nederland naar Kroatië staat hoe die uren zich in de praktijk opstapelen.

De actuele Nederlandse regels rond auto, rijbewijs en kenteken staan bij de Rijksoverheid. En als laatste een praktisch punt dat niets met regels te maken heeft: plan je pauzes op de heenweg strakker dan je zou willen. De meeste ellende op een lange rit begint niet bij een regel die je niet kende, maar bij vier uur doorrijden omdat je er bijna bent.

Delen:
Cookies en statistieken